ESV Congres artikel 2, Future of work

ESV Congres artikel 1, FinTech

Een grootse volksverhuizing in de arbeidsmarkt is op komst. Uit een rapport van McKinsey blijkt dat tussen de 3 en 14 procent van de beroepsbevolking in de wereld ander werk zal moeten verrichten in de toekomst. Deze transitie zal de impact van de eerste industriële revolutie overtreffen, aldus McKinsey. Dit biedt geen rooskleurig beeld van de toekomst. Toch verwacht het Amerikaanse adviesbureau dat het allemaal wel zal meevallen. Ja, onze banen zullen veranderen, maar dat betekent niet dat er een tekort aan banen zal ontstaan. Althans niet op lange termijn.

De angst voor technologische vooruitgang is niet iets van de laatste tijd. Al eeuwen lang is de mens bang voor alles wat haar baanzekerheid bedreigt. Het meest schrijnende voorbeeld was de industriële revolutie die begon in de 18e eeuw in Engeland. Er kwamen grote weef- en spinmachines die vele malen efficiënter werkten dan handarbeiders. Deze machines konden niet worden verplaatst, maar waren in staat dag en nacht te produceren. Hierdoor ontstonden de eerste grote werkplaatsen die we later fabrieken zijn gaan noemen. Men kwam er al snel achter dat deze fabrieken veel meer konden produceren in een kortere tijd tegen lagere kosten, dit betekende dan ook het einde van een groot aantal ambachten die voorheen met de hand werden gedaan. U moet hier onder andere denken aan productiewerk zoals: smeden, wevers en pottenbakkers. Een fantastische ontwikkeling voor de fabrikanten, minder fijn voor de gewone man. Als gevolg hiervan organiseerde deze groep vele opstanden tegen het uitputtende beleid van de fabrikant. Men was ongerust over de toekomst aangezien vele ambachtslieden werkloos waren geworden. Geen werk betekende geen eten in die tijd, er was immers nog geen sociaal stelsel dat opkwam voor de zwakkeren in de samenleving. Velen trokken daarom naar de stad om te gaan werken in nieuwe fabrieken, op deze manier werd de ontstane werkloosheid de kop in gedrukt.

De transitie van een agrarische zelfvoorzienende samenleving naar een industriële afhankelijke samenleving ging dus niet zonder slag of stoot. Ook nu, waar velen de nieuwe industriële revolutie al hebben aangekondigd, zal er veel weerstand komen vanuit de samenleving. Althans, van een deel van de samenleving. Bij bijna iedere verandering zijn er mensen die erop vooruitgaan, terwijl anderen erop achteruitgaan. In dit geval zullen de banen die gemakkelijk te automatiseren zijn het meeste gevaar lopen. Dit zijn vooral activiteiten die zich in een voorspelbare omgeving bevinden. Voorbeelden hiervan zijn schoonmakers, mis en place medewerkers en reparateurs (simpele reparaties). Naast deze fysieke arbeid zullen ook data verwerkende banen ten prooi vallen aan de automatisering. Immers het verzamelen en verwerken van data kan veel sneller gedaan worden door machines. Banen die in deze sector op de tocht staan zijn onder andere administratieve medewerkers, callcenters en baliemedewerkers. Echter automatisering zal een minder groot effect hebben op banen die een zekere mate van creativiteit, sociale vaardigheden en leiderschapskwaliteiten vereisen. De technologie is nog niet ver genoeg om ook deze vaardigheden te automatiseren. Of dat ooit zal gebeuren is slechts gissen, maar gezien de snelle ontwikkeling van de afgelopen decennia is de kans zeker aanwezig. Tot die tijd zal de werker van de toekomst zich vooral bezig houden met activiteiten waar de machines nog niet geschikt voor zijn, zoals people management, het creatief toepassen van je expertise en communiceren met anderen. Om deze activiteiten goed te kunnen uitvoeren is het van belang dat je je als persoon goed ontwikkelt. Zo zal het steeds belangrijker worden dat je sociaal en empathisch goed onderlegd bent, dat je beter kan redeneren en creatief kan nadenken.

De grote vraag voor ons als economen is hoe wij deze transitie zo geruismogelijk kunnen laten verlopen. Hoe zorgen we dat de werknemer van nu ook in de toekomst een baan kan vinden? Welke maatregelen moeten er nu genomen worden om iedereen optimaal voor te bereiden op de toekomst? Hierin ligt een grote rol voor ons als toekomstig beleidsmakers. Volgens het McKinsey instituut is het van belang dat mensen, wiens baan op de tocht staat op tijd ‘’retrained’’ worden.
Ze moeten nieuwe vaardigheden aanleren die in de toekomst van belang kunnen zijn. Op deze manier kan de werkloosheid, waar men zo bang voor is, op termijn worden beperkt. Het probleem is alleen dat de banen van de toekomst steeds meer kennis vereisen, iets wat in tijden van de eerste industriële revolutie heel anders was. Werken in een fabriek vereist vooral een goed en gezond lichaam, niet zozeer kennis. Hoe kunnen we van alle mensen verwachten dat ze ook aan de vereisten van de toekomst voldoen?

Wil je meer weten over de toekomst van ons werk? Meld je dan nu aan voor het ESV congres op 8 mei. Tijdens het congres zal Deloitte een lezing verzorgen over de ‘’Future of Work’’. Naast deze lezing van Deloitte, zullen er nog meer interessante sprekers hun visies delen over verschillende thema’s rondom het onderwerp technologie. Naderhand is er de mogelijkheid om, onder het genot van een lekker drankje, met elkaar in gesprek gaan over onze toekomst. Voor meer informatie ga naar: https://esvnijmegen.nl/congres/programma.

Door: Brian van de Wiel