Opent Trump de doos van pandora

Trump’s plannen voor het vervangen van Obamacare, één van de paradepaardjes van zijn verkiezingscampagne, kunnen voorlopig de ijskast in. Een stemming in het Amerikaanse congres was er niet eens voor nodig – vooraf was al duidelijk dat er geen meerderheid voor het plan zou zijn. Eerder moest Trump ook al bakzeil halen toen een federale rechter zijn omstreden inreisverbod opschortte. Maar zoals we The Donald kennen zit hij niet bij de pakken neer en richt hij zijn vizier nu op het bouwen van dé muur aan de grens met zijn sombrero dragende zuiderburen en het terugdringen van het zwarte gat op de Amerikaanse handelsbalans. En dat laatste zou wel eens mondiale gevolgen kunnen hebben.

Dat de Verenigde Staten een immens handelstekort heeft staat vast en dat daar wat aan gedaan wordt is alleen maar te prijzen. Trump schrijft deze patiënt alleen het verkeerde medicijn voor. Zijn plan om het handelstekort terug te dringen door het opzeggen of heronderhandelen van de vrijhandelsverdragen die de Verenigde Staten met andere landen in het verleden heeft gesloten is niet de remedie voor het probleem. De crux is namelijk dat China, de Europese Unie en Japan verantwoordelijk zijn voor 77% van het Amerikaanse handelstekort en geen van hen een vrijhandelsverdrag met de VS heeft. Daarbij is protectionisme überhaupt nooit een duurzame oplossing. Maar Trump’s vastberadenheid om de status quo op te schudden kan weldegelijk globale consequenties hebben en zou volgens sommige economen zelfs een nieuw monetair systeem tot stand kunnen brengen.

Even terug in de tijd: het huidige monetaire systeem is voortgekomen uit de val van Bretton Woods in de jaren zeventig. Onder dat systeem, ooit (deels) ontworpen door ene John M. Keynes, werden vele munteenheden gekoppeld aan de dollar (met ruimte voor incidentele devaluaties of herwaarderingen) en kreeg de dollar op zijn beurt een vaste wisselkoers tegen goud. Dit vereiste Amerika echter om op te treden als anker van het systeem; andere centrale banken hadden het recht om hun dollars te verkopen voor goud. Om het vertrouwen in het systeem te handhaven moest de VS haar eigen beleid aanscherpen wanneer haar goudreserves vielen, met als gevolg dat het binnenlandse economische beleid ondergeschikt werd aan de internationale wensen. In 1971 was toenmalig president Richard Nixon niet langer bereid hieraan te voldoen. Het anker van het systeem viel weg en valuta konden vervolgens weer vrij bewegen. Wat volgde was een onrustige periode met hoge inflatie en dito rentestanden. Er ontstond een nieuw systeem dat berustte op het vermogen van (quasi)onafhankelijke centrale banken om de inflatie te beheersen door middel van monetair beleid.

Terug naar vandaag. Een handelsoverschot of -tekort kan als volgt worden gezien: in het eerste geval geeft een land minder uit dan het verdient en in het tweede geval geeft het land meer uit dan er binnenkomt. De landen met een overschot stapelen een spaaroverschot op dat uiteindelijk geïnvesteerd zal moeten worden in de schuldpapieren van landen met een tekort. Zo financiert China al jaren de schuld van de Verenigde Staten. De klassieke economie leert ons dat handelstekorten zich vanzelf wegwerken: de munt deprecieert, waardoor de export competitiever wordt en de import duurder met als gevolg dat de handelsbalans weer in evenwicht komt. Echter heeft Amerika als ’s werelds grootste economie een exorbitant privilege: mensen willen graag dollars. Hierdoor leidt een tekort op de Amerikaanse handelsbalans niet direct tot een verzwakking van de dollar en kan het tekort dus aanhouden.

Trump wil dat tekort nu dus aanpakken door middel van protectionisme en het terughalen van productie uit het buitenland, wat zou moeten leiden tot een stijging van de binnenlandse werkgelegenheid. Hij gaat er voor het gemak maar even aan voorbij dat deze maatregelen zullen resulteren tot minder efficiënte productie en dus hogere prijzen voor de Amerikaanse consument. Dit zou kunnen leiden tot een deflatoire schok voor het reële inkomen in de VS en mogelijk zelfs tot een recessie. Maar nog belangrijker, in het proces zou hij wel eens een einde kunnen maken aan de globalisering van de afgelopen 35 jaar en de aanzet geven tot een nieuw soort systeem. De heer Trump kan weldegelijk de oude orde breken.

Maar wat zou er voor in de plaats komen? De geschiedenis van de monetaire economie kan worden gezien als een strijd tussen debiteuren en crediteuren. Schuldeisers hebben altijd gestreefd naar een systeem waarin zij worden terugbetaald in reële termen (de gouden standaard, vaste wisselkoersen), debiteuren hebben daarentegen altijd gepleit voor een meer flexibele aanpak. Wanneer de debiteuren niet meer in staat waren om aan hun schuldeisen te voldoen stortte het systeem in en moest er een nieuw systeem ontworpen worden. De grootste schuldeiser bepaalde meestal de regels van dat nieuwe systeem (Groot-Brittannië in de 19e eeuw, de VS in de 20e). Dit zou betekenen dat vandaag de dag een nieuw systeem zou worden gemaakt onder Chinees auspiciën, aangezien China nu met afstand de grootste crediteur ter wereld is.

Het is natuurlijk ook mogelijk dat we al een nieuw monetair systeem hebben zien ontstaan, één waarin zowel de lange- als de kortetermijnrente door de centrale banken worden bepaald door middel van kwantitatieve versoepeling. Dit systeem heeft sinds 2009 kunnen overleven omdat een regering met een inschikkelijke centrale bank, die zijn eigen valuta kan financieren, geen echte financieringsbeperking kent. Dat lijkt op het eerste gezicht aantrekkelijk, maar er kan weldegelijk een externe financieringsbeperking zijn voor landen met een tekort op hun handelsbalans. Andere landen moeten wel bereid blijven om hun munt als betaling te aanvaarden.

Wanneer Trump één deel van het huidige systeem afbreekt – de mogelijkheid van landen om vrij te kunnen exporteren naar de Westerse wereld – is het lang niet zeker dat het andere deel van het systeem – de aanvaarding van de dollar als betaling – onaangetast zal blijven. De laatste crisis speelde zich af op de obligatiemarkten, maar de volgende keer zouden de valuta markten wel eens als strijdtoneel kunnen dienen.