Unie van Solidaire Schuld

Coronabonds_806

Unie van Solidaire Schuld

Door Maikel de Leeuw

Recentelijk werd de Bundesbank op het matje geroepen door het Bundesverfassungsgericht. Het beleid van de ECB werd getoetst aan de Duitse grondwet en zij vroegen om opheldering aan de Bundesbank. De ECB koopt namelijk al jaren staatsobligaties op, maar dat mogen zij niet direct doen. Als zij direct staatsobligaties kopen, dan is het geldschepping. Dus via een maas in de wet doet de ECB het volgende: Als de Italiaanse overheid geld nodig heeft, verkopen zij een obligatie aan een pensioenfonds, waarna de ECB het onmiddellijk overkoopt van het pensioenfonds. Dat is de schijnconstructie, zodat het niet in één keer van de onafhankelijke ECB naar een overheid gaat. Zodoende, vroeg het Duitse grondwetstribunaal zich af waarom de Bundesbank dit beleid steunt in de vergadering van de ECB, want de Bundesbank heeft wel een grondwettelijk basis.  

Het Bundesverfassungsgericht heeft natuurlijk een punt. Het opkopen van staatsobligaties leidt tot verarming en het krimpen van de pensioenpotten. Dit is vanwege de lage rente en inflatie door de overuren van de geldpers. Maar naar wie gaat dit geld? Dat zijn Griekenland (177% debt-to-gdp), Italië (138%) en Frankrijk (101%). Het afgelopen jaar is de gemiddelde dekkingsgraad van de pensioenfondsen gezakt van 98% naar 93%. En je ziet het terug in het financiële plaatje van de pensioenbeheerders; Docenten opgelet! De top 5 investeringen van pensioenbeheerder voor overheid en onderwijs ABP zijn allemaal staatsobligaties met Frankrijk aan kop en Italië op vijf (1). 

Een aantal economische karakteristieken van Nederland zijn dat we een relatief grote overheid hebben (~40% van het bbp), een goed gevulde pensioenpot en weinig private rijkdom of spaargeld. Dat laatste is mede als gevolg dat sparen wordt ontmoedigd in box 3 en schuld aftrekbaar is van belastbaar inkomen. Dat we weinig reserves hebben merken we nu ook tijdens de coronacrisis, waarbij iedereen doorbetaald krijgt via de steunpakketten. De ontvanger Italië, heeft een arme overheid met 2300 miljard euro aan staatsschuld. Verder is de gemiddelde Italiaan (mediaan) 3 keer zo rijk als de gemiddelde Nederlander (2). Deze rijkdom zit vooral in afbetaalde huizen. Verder is belastingontduiking in Italië een enorm populaire sport, waarbij het de overheid rond de 200 miljard euro op jaarbasis kost, 10% van het BNP.  Dit is ook waarom ze hun bruggen en wegen matig onderhouden en dat ze nog steeds niet hun steunpakketten hebben uitbetaald aan de ondernemers. Het komt er dus op neer dat ze te weinig belasting innen in Italië en dat de Nederlanders dat dus voor hen doen. 

Door deze problemen komt de Italiaanse overheid nu geldtekort om hun coronacrisis te financieren. Het Europese parlement is recentelijk met het idee van een Europees noodfonds gekomen. Dit noodfonds wordt 750 miljard euro. Geen land kan dit betalen, dus voor de financiering van het noodfonds hebben ze de Eurobond bedacht. Eurobonds zijn obligaties die worden verkocht namens de hele eurozone. Dit is prettig voor landen met een lage kredietwaardering, zoals Italië en Griekenland, die nu tegen een lagere rente kunnen lenen, omdat ook Nederland en Duitsland garant staan voor de lening. Verder is het ook gunstig voor investeerders die nu 1 á 2 procent kunnen krijgen op een Eurobond in plaats van 0 procent op een Nederlandse obligatie.  

Dit noodfonds is nodig ter herstel van de coronacrisis, omdat het zuiden hun crisis niet kan betalen. Het is dus solidair van Nederland daaraan mee te betalen de komende tien jaar. Het behoudt de vrede, tevredenheid en waarborgt de Europese continuïteit. Echter, het echte probleem is de massale belastingontduiking die plaatsvindt in Italië. Het is niet solidair om de Nederlander te laten betalen voor de belasting ontduikende Italianen. 

 

Referenties